Het is pijnlijk, ja, iedere dag tientallen vliegtuigen te zien vertrekken. Het herinnert me aan exotische bestemmingen, verbaasde blikken, prikkelende geuren en fantastische smaken van het BUITENLAND. Ik ben nog maar net terug en ik wil alweer vertrekken. Ik prijs me gelukkig dat ik gewend ben om regelmatig te vertrekken naar een of ander ander land. Ver of dichtbij, overbevolkt of onderbemand… het maakt eigenlijk niets uit. De drang naar meer speelt op. Wat jagen we na? Waar zijn we naar op zoek? Ik alvast naar niet zoveel. Ieder vleugje buitenland wil ik opsnuiven als een nog gelukkiger mens. De wereld afreizen verrijkt enorm.
18 maart 2009
16 maart 2009
Paan
Wat zou je nu echt missen als je in het buitenland zou verblijven? Ren je weg naar de zon voor de regen, de mist, de koude en het grijs? Ik niet. Ik moet denken aan wat een vriendin dan vroeger zei: als je nooit echt ongelukkig bent geweest, kun je het geluk niet naar waarde schatten. Ik denk dat dit klopt. Ik word altijd dolgelukkig van een zonnestraal na een herfstige week, van een eenvoudige chocoladereep als je een tijd in het buitenland hebt gezeten.
In India moeten mensen met zo weinig tevreden zijn. De bouwvakkers lopen niet alleen onbeschermd rond op de werf, zij wonen in het pand dat ze zelf overeind zetten. Kinderen, vrouwen, alles woont samen in het driesterrenhotel in aanbouw. Onder viaducten en aan bruggen verblijven complete families in zelf gefabriceerde hutjes. Op een steenworp van de luxemall staan golfplaten recht om onderdak te verschaffen aan gezinnen. Waterverkopers, fruitkramers, rickshaws, luxetaxi’s, alles krioelt in het verkeer door elkaar. Het is ongelovelijk dat we niet meer ongelukken zijn tegen gekomen.
Toch straalt deze wereld meer plezier en geluk uit dan ik tegenkom in mijn dagelijkse leven. Ik noem mezelf ronduit optimistisch maar zie en hoor zoveel pessimisme en klagers om me heen… Ik zou ze heel even naar daar willen slingeren, zodat ze heel snel kunnen relativeren. Ze op hun nummer zetten met een korte blik op wat ook de realiteit is. En tegelijkertijd maak ik me natuurlijk ook schuldig aan eurocentrisme. Ik ga naar daar, geniet van de nieuwe indrukken en kan met een gerust gevoel terug naar huis: zo slecht hebben we het nog niet.
De paan verkoper. Een man staat met een stalletje ergens aan een pleintje in New Delhi: voor hem ligt een keurig pakje opgestapelde groene blaadjes. Een stukje verder staat een tiental potjes met allerlei kruiden, smeersels en poedertjes. Vakkundig neemt hij een blad van de stapel, er gaan gemalen nootjes in (Acera), honing, zilverkleurige pilletjes, kardemom, kruidnagel, saffraan, kokos, pepermuntballetjes, anijs, venkel, amandelpoeder, wat tabak… Het geheel wordt keurig tot een mooi pakje gevouwen en weggekauwd door de gebruiker. Het zou ook een licht euforisch effect teweegbrengen. Mondverfrissend is de versie met venkelzaadjes en munt, het bevordert ook de spijsvertering.